De goddelijke komedie

Kort verhaal - Automatisch schrijven - Fictie

Niet meer dan een klein puntje was het. Een potloodstreep, een veeg op papier. Vrede op aarde, zonder dat iemand gevraagd had of de oorlog eindelijk was afgelopen. Al dagen zit ik ernaar te kijken. Kijken of het groeit. Of het meer kan worden dan een puntje, een potloodstreep, een veeg. Steeds kom ik tot de conclusie dat het niets meer zal worden dan wat het is. Het zal geen duizenden doden opleveren om een geluid te maken. Geen wolk worden die de zon verduisterd en de wereld in een eeuwigdurende hongerwinter stort. Ik zucht. Alles wat ik wil zal moeten wachten tot ik een manier gevonden heb om het puntje groter te maken dan het is. En nogmaals kijk ik ernaar of het al gegroeid is, als een kind op een dieet van Brinta en suikerwafels. Niets!

 

Het begon allemaal met een gedachte aan groots en meeslepend. Ik had in een vlaag van verstandverbijstering de bijbel gelezen en bedacht dat ik ook wel zoiets zou kunnen. Dat ik God op papier kon zijn in mijn eigen wereld, in mijn eigen omgeving en de buurvrouw hierin meenemen. In mijn verhaal zouden er minstens een miljoen mensen doodgaan waar niemand iets om maalde en het geluid dat ze zouden maken zou zó grootst zijn dat we er niet meer omheen konden. Tenslotte had ik dat ook allemaal in de bijbel gelezen. Massa-slachtingen, verminkingen, doodslag, moord en lachen om het leed van mismaakten. Met als klap op de vuurpijl het offeren van zonen en kinderen aan een god die niet alleen niet luistert, maar ook totaal niet aanwezig meer is. Na de brandende vlierbessen was de God niet meer dan de stem in het hoofd van enkele mensen en dat was mijn grote voorbeeld. Ik zou meer zijn dan een stem in je hoofd. Ik ben tenslotte wel echt. Een persoon. Vlees, bloed en in staat je pijn te doen als ik mijn vuist naar je schud. Ik zou ook zweren dat ik geen natuur liet branden om mijn standpunt te maken in stenen tabletten. Ik zou het beter doen. Groots en meeslepend!

 

Dat ik dan nu hier zit met een klein puntje is dan ook niet heel verwonderlijk. Ik wilde teveel, in te korte tijd en actie zonder dat ik gekeken had wat de reactie zou zijn. Ergens heb ik nog wel steeds het idee dat ik God ben. Of in ieder geval als God. En een koningin, zo harig dat marmotten jaloers worden als ze alleen al mijn been zien. Dat het niet lukt ligt aan de voorbereiding. Ik heb niet de eeuwen die staan voor een beetje fatsoenlijke schepping in acht genomen. Dat vond ik ook niet nodig. In mijn hoofd konden de dingen ontstaan zonder voorbereidingstijd en zonder enige kennis van de ingrediënten. Het is dan ook niets meer dan logisch dat dit zich wreekt in de uiting van een punt. Hoe had ik ook meer kunnen verwachten als alles van het begin af aan al niet veel was? Vanuit niets iets laten groeien is bij nader inzien echt meer dan alleen de N weghalen.

 

Met deze kennis zal ik opnieuw beginnen. Mijzelf dwingen een voorbereidingstijd van minimaal enkel eeuwen in acht te nemen. Ik zal vogels laten vliegen en dierlijke resten verstoppen in de bedden van mensen die denken macht te hebben over anderen. Een oorlog voer je niet over vlak land en een tuin hark je niet aan met een riek. Ik kan je bij deze vertellen dat het echt groots en meeslepend zal worden. Dat miljoenen zullen sterven om een ongehoord geluid te maken, al hoef jij je daar geen zorgen over te maken. Sterven doen we tenslotte alleen op papier en papier is mijn materiaal van keuze. Ik zal stoppen met kijken naar het punt en opnieuw beginnen wanneer ik er klaar voor ben.